Fietsvakantie verhaal 100 cols tocht deel 3

Dag 21 : Eindsprint

De volgende ochtend werden we wakker en terwijl we alle spullen op ruimde hadden we het over hoe ver het nog zou zijn naar huis. Realistisch gezien zou het nog ongeveer 170 kilometer zijn, ik had er echt geen zin in want ik was helemaal uitgeput van de afgelopen drie weken achter Bart aan racen maar we zouden dan in ieder geval wel thuis zijn. :

[Bart :

We gingen ’s ochtends boodschappen doen bij een supermarkt. Het was er heel erg druk. Alle andere supermarkten waren die dag dicht. Toen we weer thuis waren kwamen we er achter dat die Belgen ook al van die irritante feestdagen hadden. Bij de kassa legden we al onze boodschappen op de band. Het kassameisje pakte de twee appels en legde die op de weegschaal. Eén appel rolde weg en viel op de grond. Ze pakte die gewoon op en deed hem terug in het zakje, wat een service.

Bij het uitlopen van de supermarkt kregen we bijna een pak melk in onze handen gedrukt. Ik snapte het niet en zei dat we dat niet hoefden. We laadden al het eten op onze fiets en zagen dat ze die pakken melk gratis aan het uidelen waren. Dus liepen we weer terug en vroegen ieder om een pak melk. Ze waren blij dat er toch nog iemand was die melk wilde. Op een trapje iets verderop gingen we eten en de mensen die de melk uitdeelden in de gaten houden.

Het waren drie mannen en een vrouw van ongeveer vijfentwintig jaar. Het leken ons afstudeerders of mensen die net een eigen bedrijf aan het opzetten waren. Ze waren wel enthousiast, maar niet erg slim om met z’n vieren bij dezelfde supermarkt te gaan staan. Verder dronken ze allemaal cola en Fanta in plaats van de melk die ze aan het uitdelen waren. Op de pakken melk stond in het Frans “la bande des Félait”. In het Nederlands stond er “de melk-gekke bende”. Na tien minuten beredeneren besloten we dat het ging over een bende die gek was van melk. Op de zijkant van het pak stond ene tekstje over Ardense koetjes die door de wei huppelde.

In België hadden ze overal fietspaden. Dat leek beter dan in Frankrijk, waar je over de weg moet fietsen. De fietspaden in België zijn alleen zo slecht dat als je een pak melk meeneemt je op het eind van de dag slagroom hebt. We hebben wel drie uur lang over een fietspad gefietst met allemaal betonplaten, zodat je elke halve seconde omhoog butst. Eén fietspad was het einde van de afdaling zo slecht dat ik naar rechts een grasveld in reed omdat ik dacht dat mijn fiets anders uit elkaar zou schudden.

Bram wou de laatste dag niet meer pinnen, omdat we nog genoeg geld hadden om het te overleven volgens hem. Hij was ook te eigenwijs om meer dan anderhalve liter water mee te nemen. ’s Middags hadden we dus bijna geen geld en water meer. Ik had nog wel wat flesjes water over. We gingen naar een bakkertje. Bram mocht bestellen, ik had alles in het Frans moeten bestellen en nou kon hij eindelijk weer Nederlands praten. Bram kocht nog voor 2,50 twee flesjes cola uit een automaat. Daarna zagen we pas dat die automaat voor een winkeltje stond waar mensen binnen waren. Het winkeltje was toch dicht, één de ene kant hadden we dus geluk daarmee. ]

Het was de hele dag gelukkig redelijk vlak zodat we tegen de avond al weer in bekende plaatsjes kwamen en besloten om te gaan eten bij een friettent. Terwijl we aan het eten waren kwamen er nog wat fietsvakantie mensen voorbij die we daarna nog hebben proberen in te halen maar waarschijnlijk waren ze ergens afgeslagen want we hebben ze niet meer gezien.


We stonden die dag ook nog voor paal.




Bart wou toen perce de laatste dertig kilometer zo hard mogelijk fietsen om zo moe mogelijk aan te komen, tenminste dat is wat hij zei.. ik wist wel beter. Ik zei dat ik een week terug al zo moe mogelijk was maar hij wou toch door fietsen zodat ik maar mee deed en we de laatste dertig kilometer gemiddeld rond de 32 hebben gefietst.

Toen kwamen we dan eindelijk weer bij Bart thuis aan waar we buiten op het terras gingen zitten. Al snel kwam Femke ook want die had Bart natuurlijk gemist, ze wou hem alleen niet aanraken omdat hij zo lekker rook. Na dat we wat sterke verhalen verteld hadden gingen de vader en moeder van Bart naar een feest en lieten Femke en Bart “subtiel” weten dat ze wilden dat ik ging zodat ze alleen waren. Ik besloot om daarom nog maar een half uur te blijven zitten om Bart terug te pakken voor al zijn gezeur over dat ik geen vriendin had tijdens de fietsvakantie.

Uiteindelijk ben ik toch maar naar huis gefietst waar ik ’s pap en ‘smam nog even gesproken heb en toen eindelijk fatsoenlijk ben gaan slapen.

Ik heb die dag 170 kilometer lang met 25,6 gemiddeld gefietst.

Dagafstand : 162 km (bart)

Lees verder in een van de andere fietsvakantieverhalen