Fietsvakantie verhaal Alpen

Dag 17 : 3 passen dag

's Ochtends was het droog. We gingen in het dorpje eten, voor de bank was een bankje. Na het eten ging Bram de camping afrekenen. Het oude vrouwtje van de camping vertrouwde ons wel dat we terug kwamen.

Er stonden 3 passen op het programma voor vandaag. Hoe zwaar het precies zou worden wisten we niet, tot nu toe was elke pas zwaar geweest, ook hadden we al 3 passen gehad die niet eens op de kaart of de routebeschrijving stonden. De eerste pas was een drukke weg. Hij was niet steil. Een kilometer voor de top was een aanhanger omgeslagen, er stond een lange file bergaf. Sommige mensen zwaaiden naar ons. Wat wielrenners in Oostenrijk en Zwitserland zeggen als ze je inhalen was me ook nog niet duidelijk. In Frankrijk was het "Bonjour", "Allez", "Bon courage" (mijn persoonlijke favoriet) of "Salut" als je in de buurt van Spanje komt. Hier kon ik er niks van verstaan. Sowieso spraken ze in een deel van Oostenrijk een andere Germaanse taal of een onverstaanbaar dialect van het Duits.

Boven op de Fernpass reed zoveel verkeer dat we geen goede foto konden maken.


De Fernpass.

We waren allebei moe van de afgelopen dagen. Gelukkig had de eerste pas niet veel voorgesteld. We waren daarna ook weinig afgedaald. Dat was goed, dan hoefden we niet zo ver omhoog voor de volgende pas. In plaats van een grote weg volgden we een fietsroute. De lengte van die fietsroutes werd altijd verkeerd aangegeven. Er stond dat de fietsroute maar één kilometer langer was dan de route over de grote weg. Het was minstens 5 kilometer extra. Toch was het een mooie route.

De volgende pas was niet meer dan een heuvel. Je zag het ook aan de soort fietsers. De meesten hadden hybride fietsen en geen echte fietskleding. Voor ons was het fijn, dat betekende dat de dag lang niet zo zwaar zou worden als we verwacht hadden. Na de tweede pas van de dag gingen we eten. De hele vakantie hadden we al chocolade gegeten. Chocolade pasta, mueslirepen met chocolade, Snickers, koeken met chocolade, chocoladerepen en nog veel meer. We hadden er echt geen zin meer in. Uiteindelijk kochten we toch twee Magnums en koekjes met chocolade. We kochten altijd expres eten met veel calorieën. Een normaal mens heeft ongeveer 2000 calorieën per dag nodig. Tijdens fietsvakantie is dat wel drie keer zo veel. In de rol koekjes, die ik als onderdeel van de lunch op had, zaten 700 calorieën. Normaal zou je daar een halve dag op kunnen leven.

De derde pas van de dag was ook simpel. Hier stonden ook niet eens bordjes met de hoogte op de top. Deze dag waren we allebei heel erg moe. Daarom kreeg je ook allerlei flauwe opmerkingen. We kwamen door de dorpjes Weitnau en Isny. "Is het nog Weitnau?", "Nee, da Isny". Ze hadden daar ook een mooi pretpark schijnbaar, Euro Isny.


Vlak voor Isny.


Pringels met kaas blijven achter je tanden zitten.


Gravelpaadje.

We aten Pringles met plakken kaas en Tuc-koekjes met plakken kaas. Dat waren goede combinaties. In Isny was een camping. Als we die pakten kwamen we achter te liggen op schema. We zaten nu precies op het volgende schema: Als we 4 dagen lang 150 kilometer per dag van de route af zouden leggen, zouden we zondags 200 kilometer moeten fietsen om thuis te komen. 150 Kilometer van de route betekende 165 kilometer in het echt, we fietsten elke dag 15 kilometer om. Als we één dag te weinig zouden fietsen was het zondag bijna niet meer te halen om thuis te komen.

Compleet gaar fietsten we weer verder, zochten nog een tijdje naar de goede weg, en reden door Isny. Het was 30 kilometer tot Ravensburg. Dat was een grote stad waar misschien een camping zat. Dat was zo ver dat we waarschijnlijk 10 kilometer voor die stad moesten gaan wildkamperen. In Wangen hing een kaart. Ik ging kijken of er daar een camping was. Gelukkig was er één, hij lag ook nog op de route. Ik had weer heel veel energie. Bram niet, die sliep bijna. De laatste kilometer tot de camping was natuurlijk klimmen. Ik kan me geen camping herinneren waarbij we niet het laatste stuk omhoog moesten fietsen.

De camping zat best vol, gelukkig hadden ze toch een plaats voor ons. De douches bij deze camping waren echt een ramp. Ten eerste moest je ze betalen met 50 cent. Dat is op zich al beter dan met een douchemuntje, want dan kun je toch douchen als je aankomt nadat de receptie gesloten is. Eerst moest ik met mijn douchespullen terug lopen naar de bivakzakken om 50 cent te gaan halen. Daarna alles zo neergezet in de douche dat mijn kleren niet nat konden worden als hij aan ging. Ik stopte het muntje er in. De douche gaf ijskoud water. Er was een draaiknop om de temperatuur in te stellen, die leek helemaal geen effect te hebben. Opeens kreeg ik wel goed water. Na een tijdje werd het kokend heet, zonder dat ik aan de knop was gekomen. Toen werd het weer te koud. Daarna werd het water te heet en bleef het te heet. De douche had een douchekop met verschillende standen, ik wilde proberen om een massagestraal er uit te krijgen. Ik draaide aan de douchekop, de straal veranderde niet, dat kwam omdat ik schijnbaar de douchekop van de waterleiding aan het schroeven was. Aan alle kanten spoot het water uit de koppeling. Snel weer dat ding teruggedraaid. De douche bleef heel lang aan, normaal mag je 5 minuten douchen voor 50 cent. Na een kwartier vond ik het genoeg en ging afdrogen. De douche kon ik niet uitzetten.

Bram had ook al zo'n geluk met de douches. De eerste had helemaal geen water gegeven. Bij de andere die hij probeerde kon hij maar 3 minuten douchen voor 50 cent. Daardoor had hij aan het einde nog 15 seconden om de shampoo uit zijn haar te spoelen. Toen had hij dat maar afgereageerd op het kastje waar het geld in moest.

We wilden gaan slapen maar er was nog van alles te horen op de camping. Er zat iemand op een trekharmonica te spelen, iemand speelde gitaar, en naast ons was een baby die de hele nacht had liggen janken.

Dagafstand : 158 km