Fietsvakantie verhaal Spanje

Dag 9 - Uitzicht op Marokko

We werden wakker midden in het zonnebloemenveld. Daarna mochten we de kleren die we al 5 dagen aanhadden weer aantrekken. Deze fietsvakantie was het wildkamperen fijner dan andere vakanties. Dat kwam vooral omdat het niet regende. Dan bleven je spullen beter schoon en had je niet zo veel behoefte aan een warme douche. 's Ochtends was het ook deze dag snel zonnig en warm. Na zoveel dagen fietsen begonnen we al een beetje moe te worden.

De eerste twintig kilometer fietsten we nog tussen de zonnebloemen. Daarna kwamen we in de stad Utrera. Het leek meer of je in het Midden Oosten was dan in Spanje. Overal waren smalle straatjes en kleine winkeltjes. De mensen zagen er ook meer Marokkaans uit dan Spaans. In een winkeltje dat meer op een marktkraampje leek kochten we wat brood en toetjes.

Vervolgens ging de route over de grote weg. Dat schoot goed op. Het was wel bergachtiger dan de eerste kilometers van de dag. Na een tijdje kwam ik er achter dat we van de route van de gps waren afgeweken. We fietsten een stukje terug totdat we een zandpad vonden waar de route over ging. Dat konden we een stukje volgen tot het een rotsig stenen pad werd. Daarna liep de route rechtdoor, wij konden geen weg meer vinden. Er was alleen een olijfgaarden. Heel dat stuk dus voor niks gefietst. Nou moesten we weer terug fietsen en alsnog een langere route over de grote weg pakken. Waar we af moesten slaan zag ik opeens een grote zwarte stier in de verte.


De stier.

Over die stieren had ik ooit iets gelezen. Het waren reclameborden voor iets. Ze waren jaren geleden begonnen met ze weg te halen, maar na protesten van de Spanjaarden zelf zijn ze toch gebleven. Meer wist ik er niet van. Hier is het wikipedia-artikel over de stieren.

De eigenlijke route sneed een stuk verderop nog een deel van de grote weg af. Deze keer besloten we om meteen de grote weg te volgen. Daarover fietste je twee keer zo snel dan die gravel paadjes. Het eten was op, dus in het eerst volgende dorpje moesten we boodschappen doen. We volgden een klein rustig wegje wat steil klom. Na een dorpje wat uit maar drie huizen bestond begon de afdaling. Op deze weg lagen heel veel platgereden dieren. Konijnen, slangen en veel vogels. Ik denk dat het kwam omdat we weer in een gebied kwamen met meer water. Waar we een paar dagen geleden fietsten leefden veel minder dieren.

We kwamen door Espera, een Mediterraan dorpje met allemaal witte huizen. Daar vonden we een redelijk groot supermarktje voor Spaanse begrippen. Eerst zochten we het water en de ijsjes bij elkaar, daarna moesten we nog fruit halen bij de groenteboer van de winkel. Nu moest ik in het Spaans om twee sinaasappels gaan vragen. De man achter de toonbank vond het grappig. Ik moest eerst duidelijk "dos naranja" zeggen, anders kreeg ik ze niet. Daarna nog twee "manzana's" (appels) besteld. De groenteman ging aan ons vragen of we met de fiets waren en hoe we fietsten. Daarna vroeg hij of we geen bier moesten kopen. Ik zei dat we dan niet meer konden fietsen. Hij zei dat we dan wel op moesten passen voor de politie als we met bier op gingen fietsen. Toen ging een ander oud mannetje met een pet op ook tegen ons buurten in het Spaans. Ik begreep er helemaal niks van. Het was wel grappig. Toen we in de rij stonden voor de kassa kwam hij weer naar ons toe en tikte mij aan. Daarna wees hij zo op m'n buik, dat ik wel mager was van het fietsen. Maar het was een rond mannetje, dus ik wees op zijn buik dat hij ook moest gaan fietsen. Hij zei dat hij een fiets had.

Na het afrekenen gingen we op een drempel zitten naast de winkel. Het oude mannetje kwam een tijdje later naar buiten en pakte zijn "fiets", een oude brommer. De drempel waar we op zaten bleek de gevel van een huis te zijn. Terwijl wij daar al ons eten uitgestald hadden en samen eerst de zes ijsjes die we hadden gekocht op zaten te eten voordat ze gesmolten waren kwamen er mensen uit het huis. De moeder zwaaide haar dochter uit, waarna ze ons zag zitten. Toen zei ze iets van "ow hier zitten mensen". Daarna zei ze nog smakelijk eten tegen ons en ging ze naar binnen. In Spanje doen de mensen de hele dag weinig volgens mij, maar ze zijn wel heel aardig. Ook dat oude mannetje in de winkel, zo was ongeveer de helft van de Spaanse bevolking die wij gezien hadden. Er waren weinig jongeren in Spanje. Terwijl we zaten te eten kwam er ook nog iemand langs met bonkende muziek uit zijn auto. Zelfs de "slechte muziek" die mensen kei hard in hun auto draaien was hier beter dan in Nederland. Hij draaide een of andere remix van Sean Paul. Ook de kinderen die muziek luisterden op hun telefoon luisterden allemaal van die vrolijke muziek die je zou verwachten op een tropisch eiland.

We fietsen weer verder door de heuvels over wegen waar we gemakkelijk kilometers op maakten. In Arcos de la Frontera gingen we een grote supermarkt binnen voor een korte pauze. Zoals altijd kochten we veel meer dan we van plan waren. Toen we de supermarkt binnenkwamen dachten we dat die eigenlijk gesloten was. De man achter de kassa keek vreemd op dat we binnen liepen, ze waren bezig met het schrobmachien en de toonbank van het vlees was leeg. De supermarkt was schijnbaar wel open, maar tussen 12 en 5 komen er bijna geen klanten. We kochten wat drinken en fruit. Bram had sap waar 10% citroen in zat. Deze keer was zijn onderlip minder uitgedroogd dan de vorige vakanties, daarom prikte het sap niet zo heel erg. Bij het stadje Arcos maakten we wat foto's.


Uitzicht bij Arcos.


Panoramafoto bij Arcos.

Na Arcos begonnen weer de eindeloze velden met niks. We hadden uitgeteld dat als we vandaag goed door fietsten we de volgende dag nog 40 of 50 kilometer moesten fietsen tot het zuidelijkste puntje van Spanje. Er zat op het einde een stuk van twintig of dertig kilometer weg in de route die niet op de kaart stond. Hoe lang we daarover zouden doen wisten we niet. Als de weg heel slecht was, of niet bestond zou dat stuk een paar uur in beslag kunnen nemen. Ik dacht dat we vanavond het begin van die weg konden halen. Tegen vijf uur 's middags sneed de echte route weer een stuk van de grote weg af. We besloten om de grote weg te volgen en een stukje om te fietsen. Dan zouden we ook door een groter stadje komen zodat we eten konden halen. Het dorpje bleek boven op een berg te liggen. Na een half uur klimmen waren we boven. Alle winkels waren dicht. Het was ook pas net 5 uur. Normaal gingen alle winnkels dan net open. Nergens was een supermarkt te vinden dus ging ik op het terras aan een oud mannetje met een petje vragen of er ergens een supermercado was. Die zat er wel een om de hoek, over een half uur ging hij open. Het volgende dorpje zat pas weer over 40 kilometer. We besloten om een half uur te gaan eten en wachten en daarna naar de supermarkt te gaan.

De supermarkt ging wel open om half 6. Ze verwachtten alleen nog geen klanten. We liepen de winkel in en kochten toetjes en eten voor de volgende dag. Na het eten daalden we een stuk af en reden daarna over een rustige weg totdat we bij het punt kwamen waar de weg op de kaart ophield. De weg die in de gps stond en niet op de kaart was een weg vol met gaten. Met de fiets kon je er redelijk overheen. Het asfalt hield op na een tijdje en de weg werd nog wat slechter. Het leek alsof we door Afrika fietsten zo. Hemelsbreed lag dat ook maar 100 kilometer verderop. Op de weg maakten we deze foto's.


De slechte weg.


Kuilen en stenen.


Expeditie door de binnenlanden van Spanje.

De weg werd alsmaar slechter. Het positieve nieuws was dat de weg recht naar het zuiden ging en minder naar het westen dan we dachten. Als het zo door ging konden we vandaag de camping in het Zuidelijkste puntje van Spanje nog halen. We trapten goed door. De weg was nu een gravelpad met veel losse stenen. Je moet heel goed opletten om die te ontwijken, terwijl je helemaal door elkaar geschud werd op je fiets. Je kon wel zien dat we in een arm stuk van Spanje waren. Er stonden paarden langs het pad waarvan de benen aan elkaar geknoopt waren met touwen zodat ze niet weg konden rennen. Het duurde bijna twee uur om de weg af te fietsen. Toen de auto's op de asfaltweg weer in zicht kwamen waren we blij.


Bij de grote weg zagen we weer een stier.

Het bleek dat we nog maar 15 kilometer hoefden te fietsen tot de camping. Dat terwijl de planning was er de volgende dag om 12 uur 's middags aan te komen. We zetten nog eens goed aan en klommen nog een stuk over de grote weg langs de kust. Het duurde een tijdje voordat we de zee konden zien liggen, waar we al een week naar uit keken. Het verbaasde ons dat we achter de zee bergen zagen, daar lag Afrika. Een paar kilometer voor Tarifa, het stadje in het zuiden, waren we op het hoogste punt en hoefden we alleen af te dalen. Er lagen veel campings aan deze weg. We pakten de camping die het dichtst bij Tarifa lag. Hij lag aan zee op drie kilometer afstand van het zuidelijkste puntje.


Uitzicht op Tarifa, op de achtergrond ligt Afrika.

De camping was omringd door een witte muur. Het was een mooie camping. Bij de receptie zagen we dat je een excursie kon doen naar Marokko. We vroegen meteen of je dat de dag van tevoren nog kon boeken. Dat ging. Daarna vroegen we of je ook met een id-kaart naar Marokko kon, want Bram had geen paspoort. Het vrouwtje van de receptie, die wel Engels kon, zei dat dat alleen ging als je een 1-daagse reis maakte. Dat was dus goed. Ze gaf ons een foldertje mee. De volgende dag wilden we rond gaan kijken in Tarifa en aan het strand gaan liggen. Omdat we na acht dagen fietsen al in het zuiden waren hadden we de dag daarna dan tijd om een dagje naar Marokko te gaan. Daar had ik veel zin in.

Volgens de routebeschrijving was het van Capvern tot hier 1276 kilometer. We probeerden uit te rekenen hoeveel tijd de terugweg dan zou kosten. Alleen wisten we niet precies hoe lang de heen- en terugweg volgens de gps waren. Als we over de heenweg 8 dagen hadden gefietst dan zouden we over de terugweg ook minstens 8 dagen doen, plus een dag om de Pico Veleta over te klimmen, plus een dag omdat de route van de terugweg 1340 kilometer was. Als alles goed ging hielden we dan twee tot drie dagen speling over op het einde.

Na het inschrijven en het opzetten van de tent gingen we eerst douchen. Ze hadden wel unieke douches op deze camping. De hele camping was namelijk ingericht in Romeinse stijl, inclusief de douchehokjes. Bij de ingang van de douchehokjes stond een beeldje van Eva bij de vrouwen en een van Adam bij de mannen. Als je de gang met douchehokjes in liep was aan de rechterkant een lange spiegel op ooghoogte met daaronder wasbakken. Aan de linkerkant waren de douchehokjes. De deuren van de douchehokjes waren van onder open en kwamen van boven ongeveer tot borst hoogte. Als je stond te douchen kon je dus via die spiegel alle anderen zien staan die ook aan het douchen waren. De douches zelf waren fijn, met veel water waarvan je de temperatuur goed kon instellen.

Na het douchen dronken we nog "cerveza" (bier). Daarna gingen we slapen.

Dagafstand : 191.28 km


De route van dag 9.