Fietsvakantie verhaal Spanje

Dag 24 - Stinken in de bus

Naast de gewone stank die van ons af kwam omdat we al drie dagen niet gedouched hadden veroorzaakten we nog meer stank. Drie weken lang alleen stokbrood eten is niet heel goed voor je darmen. Tijdens het fietsen viel het nog mee, maar na zeven uur stilzitten begonnen we extra veel te stinken. De eerste keer dat ik er een liet vliegen in de bus ging Bram kapot van de stank. We lagen allebei dubbel van het lachen en de tranen rolden bijna over onze wangen, maar we moesten zo stil mogelijk zijn anders zou iedereen merken dat die stank van ons af kwam.

De bus reed vier uur lang, over kleine wegen en een paar stukken over de snelweg. De anderen die we op moesten halen zaten zeker in de buurt van Parijs? Om half drie, terwijl het kei hard regende, stopten we ergens. Hier pikten we de laatste vijftien passagiers op. Ze waren kwaad want de bus zou daar volgens hun blaadje om twaalf uur al moeten zijn. Ze hadden met zijn allen in een cafe gewacht wat speciaal voor hun open was gebleven. De buschauffeur die toch niks om die mensen gaf zei dat hij daar niks aan kon doen, want het was een fout van het buro. Maar hij had zelf ook kunnen zien dat hij gemiddeld 150 had moeten rijden om twaalf uur te halen. Op mijn gps zag ik dat we pas tweehonderd kilometer noordelijker zaten.

Midden in de nacht stopten we bij een benzinestation. Daar kregen we goed de kans om de andere passagiers te bekijken. Er was een man bij die had hetzelfde gezicht als Stefan. Dan was er nog een man die leek meer op een Boedhistische monnik. Hij had zo'n wijde witte trui aan, een witte broek en een kaal hoofd. Hij zat ook allerlei filosofische gesprekken te voeren met de man die naast hem zat. We gingen even de bus uit om rond te lopen. Toen we weer in de bus zaten zagen we iemand rondjes huppelen. Die was zo raar, die hoorde vast bij onze bus. Nadat hij een paar rondjes gehuppeld had deed hij nog andere zelfverzonnen rek- en strekoefeningen. De mooiste was de borstcrawl op het droge.


Mijn baard van drie weken.

Om zes uur 's ochtends stopten we nog een keer. Ik had al honger vanaf zes uur 's avonds. Op de vorige stop hadden we een pak chocoladekoekjes gekocht, die hadden de beste prijs/calorie verhouding. Hier was niets te eten. We zaten nog op tweehonderd kilometer van Parijs. Na Parijs, om negen uur 's ochtends, stopten we pas om ontbijt te kunnen kopen. De winkels op de parkeerplaats langs de snelweg waren natuurlijk veel te duur. Na een kwartier zoeken vonden we de beste oplossing, twee baguettes en een pakje kaas. Op een randje in de buurt van de bus gingen we die opeten. Het was al lang goed gegaan, en we wilden nu de bus zeker niet meer missen.

Na een tijdje kwamen de andere passagiers ook terug naar de bus. "Stefan" vroeg aan ons waar wij vandaan kwamen. We vertelden dat we in Spanje hadden gefietst. Toen kwam "de vraag over de fietsvakantie". Dat is de standaard vraag die je krijgt als je ongeveer hebt verteld waar je bent gaan fietsen. De vraag van dit jaar was "Waar in Spanje?". We vertelden dat we van noord naar zuid waren gefietst en terug. Toen vroeg hij hoe lang we er over gedaan hadden. Nadat we verteld hadden dat dat drie weken was zei hij "Maar dan snap ik iets niet.. hoever heb je dan per dag gefietst?". Na een paar minuten begreep hij echt dat we elke dag kei ver gefietst hadden.

Terug in de bus was de man die langs de Boedhistische monnik zat chagrijnig omdat de bus te laat was. Tijdens het liften waren we als eens met de bus teruggegaan vanuit Parijs. Toen duurde het vijf uur. Het was half tien, dus rond half drie zouden we in Breda zijn. Dan moest ik nog 65 kilometer naar huis fietsen, douchen en scheren, zodat ik om zes uur kon gaan werken bij de Albert Heijn.

Na Parijs en rond Brussel reed het verkeer niet goed door. In België moesten we ook nog twee keer stoppen om mensen uit de bus te zetten. De verwachtte aankomsttijd werd steeds later. Uiteindelijk kwamen we na heel lang wachten om kwart voor vier aan in Breda, drie en een half uur te laat. Terwijl de andere mensen afscheid stonden te nemen van elkaar moest ik snel houdoe zeggen tegen Bram en naar het treinstation rennen. Bram fietste vanaf Breda terug naar Westerhoven. Hij was om kwart over zes weer thuis.

Ik kocht zo snel ik kon een kaartje naar Eindhoven. De trein naar Tilburg, wat op de route lag, vertrok over drie minuten. Toen hij aankwam zag ik geen coupe voor fietsen. Ik vroeg het aan de conductrice, het was de laatste coupe. Daarvan was de deur dicht, dus ik ging in de een na laatste. Meteen toen de trein vertrok kwam de conductrice er aan. Ze vroeg waarom ik niet de laatste coupe had gepakt, en waarom ik niet even had gewacht zodat ik de stoptrein rechtstreeks kon pakken naar Eindhoven. Ik dacht "omdat ik dan zeker weet dat ik zo snel mogelijk in Eindhoven kom". In Tilburg kon ik overstappen. Om half vijf was ik al in Eindhoven. Vanaf daar was het nog twaalf kilometer fietsen naar huis. Ik merkte dat mijn banden vrij slap waren, omdat ik nu over een stuk fietste waarvan ik wist hoe zwaar het normaal was. Iets na vijf uur was ik thuis. Toen had ik nog even tijd om te douchen, schone kleren aan te trekken, te scheren en te eten. Daarna wisselde ik van fiets en ging nog twee uurtjes werken bij de Appie.

Toen Bram thuis was heeft hij meteen een "na" foto gemaakt. Voor fietsvakantie had hij al een "voor" foto gemaakt.


Bram voor en na fietsvakantie.

Thuis had ik me gewogen, ik was zes kilo afgevallen. Bram was twee kilo afgevallen. Bij mij kon er ook meer af dan bij Bram. Het is nu een week later en ik ben eindelijk weer uitgerust, en ondertussen al weer bijna twee kilo aangekomen.

Dagafstand (van Bram) : 61.23 km


De route van dag 24.