Fietsvakantie verhaal Spanje

Dag 4 - De expeditie

We hadden goed geslapen, voor fietsvakantie. 's Ochtends ontbeten we op een rots aan de weg. Er reden geen auto's. Wel kwamen er vier vrouwen voorbij gewandeld. Waar ze heen wandelden weet ik niet, de weg liep nog tien kilometer door de kloof zonder afslagen. Na het ontbijt was ik weer bijna mijn zakmes vergeten. De afgelopen drie fietsvakanties is het wel gelukt om hem niet kwijt te raken.

Na de klim kwamen we op een hoogvlakte waar we even snel door konden fietsen. Na de hoogvlakte kwamen we op een heel rustige weg. Twintig kilometer lang slingerde de weg door de bossen omhoog. Twee keer kwamen we langs een plek waar mensen aan de weg werkten. Verder hebben we geen auto's gezien. De weg kwam niet door een dorpje. Na de lange slingerweg zaten we weer op een hoge vlakte. Er stonden veel windmolens.


Op de vlakte met windmolens.


In de hele omgeving was maar een huis te zien.

Ondertussen was het al 11 uur en waren we nog niet door een dorp gekomen waar we eten konden kopen. De vorige dag hadden we gezien dat alle winkels in Spanje tussen 12 en 5 dicht waren. We moesten dus zo snel mogelijk ergens eten halen. We wisten niet precies hoe ver de volgende stad nog was, als we hard door fietsten zouden we die misschien voor 12 uur halen. In de dorpjes waar we door kwamen op weg naar de stad zaten geen supermarkten. Ondanks dat we hard door fietsten haalden we de stad Soria iets na 12 uur. Het was een grote stad, dus gelukkig waren er wel wat winkels open. Bij een bakker haalden we brood, broodjes en water. Ze hadden vijf liter water voor een euro, dat kregen we net verdeeld met twee man.


Eten in Soria.

Na Soria reden we over een grote weg waar de auto's 100 km/u reden. Eerst leek dat niet zo fijn, maar de weg was breed met een vluchtstrook, en er reden weinig auto's. Het was veel fijner dan een smallere drukke weg waar je 80 km/u mag rijden. Hoe groter de wegen, hoe vlakker de route meestal is. Deze keer ook, in 2,5 uur tijd reden we 60 kilometer tot de volgende stad.

Na de grote stad ging de route weer over een gravelweg.


Geen huis te zien.


Op de gravelweg.

De gravelweg liep tot een riviertje, waar volgens de gps route een brug was. Er was alleen een stuw. We keken overal rond maar konden geen brug vinden. Toen keken we maar op de papieren kaarten die we ook hadden, en zagen dat we een heel stuk om moesten fietsen. Na het omfietsen ging de route weer over een pad van losse stenen. Het was deze dag al behoorlijk heet. Met die rotsige weg en alleen maar bomen langs de kant leek het net alsof we op expeditie waren in Afrika.


De expeditie, met tropen petten.


De weg waar we over fietsten.

Na die slechte weg waren we blij dat we weer over een grote weg konden fietsen. Het was vier uur 's middags, dan was het altijd het heetst. Langs de grote weg zagen we een wandelkar staan. In de berm zat een man tussen de rotsen. Het was een zwerver, maar hij leek meer op een of ander wild beest. Hij zat met zijn rug naar ons toe tussen de rotsen te zagen in een stuk ijzer. Zijn rug was donker bruin van de zon, en zijn lange haren waren helemaal gebleekt door de zon. Het leek alsof hij al tien jaar daar zat.

Ayllon was het laatste stadje waar we deze dag door kwamen. We wilden eten kopen voor de volgende ochtend. De supermarkt konden we alleen nergens vinden. Het plan was om dan maar in een restaurant te gaan eten en de volgende ochtend ergens anders ontbijt te kopen. Toen we gingen vragen hoe laat we konden eten was dat overal pas vanaf 9 uur. Dat was wel heel laat. We vonden een poort en kwamen toen in het centrum van het dorpje.


Het centrum van Ayllon.




In het centrum vonden we een bakker. Na te vragen naar een "supermercado" vonden we in een steegje een supermarkt. We gingen eerst daar eten kopen, toen terug naar de bakker. Maar die bakker was natuurlijk precies in die tien minuten dat wij boodschappen deden gesloten, en in de winkel verkochten ze geen brood. Gelukkig was er nog wel een bakker verstopt in een ander steegje. Toen we genoeg eten hadden voor nu en de volgende ochtend vertrokken we op zoek naar een wildkampeerplaats. Er was een camping ongeveer 20 kilometer verderop. Maar we hadden al heel ver gefietst. Net buiten Ayllon vonden we een mooi grasveldje.


De wildkampeerplaats.

Over de weg een stukje verderop reden wel auto's, die konden ons misschien zien. We gingen al vroeg slapen, rond tien uur. Het eerste uur was het veel te heet om te slapen. Vanuit de bossen hoorde ik twee dieren naar elkaar roepen. Het klonk als "hurrrrrrrrrr hurrrrrrrrrrrrr", en als een kruising tussen een pauw en een everzwijn.

Dagafstand : 171.85 km


De route van dag 4.