Fietsvakantie verhaal Zuid-Frankrijk



Dag 1 : Een goed begin

Op de ochtend waarop we zouden vertrekken was het niet echt leuk om wakker te worden. Het regende namelijk nogal. Ik heb m'n lange broek aangetrokken en m'n fietsjack, dat was het warmste wat ik had.

De hele week was ik al bezig geweest om de spullen op mijn fiets te laden en onnodige spullen er weer af te halen. Toen ik om een uur of acht wou aanrijden richting Bram bleek dat de voordrager op mijn fiets niet zo vakkundig was vastgemaakt door de fietsenmaker. De bout waarmee hij vastzat aan de voorvork was veel te lang, daarom hadden ze d'r maar een afstandhoudertje tussen gedaan, maar dat was weer te groot, waardoor de schroef die de voordrager op z'n plaats hield maar een halve slag in de schroefdraad zat. Gelukkig zag ik het voordat ik aanfietste, want zo'n stervormige schroevendraaier nemen we natuurlijk niet mee op fietsvakantie.

Nadat ik die drager vast had gezet en had gekeken of ik niks vergeten was kon ik dan naar Bram fietsen. Het regende redelijk hard, maar 't was nog niet zo heel koud. Bram had maar twee tassen op z'n fiets. Dat bleek al z'n bagage te zijn. Voor we vertrokken in de stromende regen werden eerst nog wat foto's gemaakt.


Het regende hard maar we hadden er wel zin in.


Nog een foto om goed te kunnen zien hoeveel bepakking we bij hadden.

Het eerste stukje fietsen ging lekker snel, over een lange rechte weg, door Hechtel naar Hasselt. Daar fietsten we al voor de eerste keer verkeerd, dachten we, maar uiteindelijk scheelde het maar 100 meter. Tijdens de vorige fietsvakantie hadden we telkens pas iets meer dan veertig kilometer gefietst om n uur. Toen we er om twaalf uur al 57 kilometer op hadden zitten vonden we het tijd om even te eten. We gingen voor een kerk op een bankje zitten eten. Het regende nog steeds, al een uur of drie lang dus, en alle mensen die naar de kerk gingen keken wel raar op dat wij daar buiten zaten. We hadden gewoon bruin brood, wat we later nog heel lekker gingen vinden, chocoladepasta van de Albert Hein en eieren.

Na Tongeren werd de weg al wat heuvelachtig. Het was nog steeds regenachtig. Voordat we in Amay aankwamen kwam er een aankondiging van een wielerkoers, door zo'n auto met luidsprekers er bovenop. We gingen niet aan de kant staan, maar reden gewoon door. De fietsvakantie stopt voor niemand, net zoals de Tour de France. Er stonden een tijd lang auto's langs de weg en soms wat mensen die kwamen kijken naar het wielrennen. Dat was wel leuk, want sommigen moedigden ons nog aan. Na een tijdje fietsen stond er niemand meer langs de weg, dus toen waren we van het parcours af. In Amay was er wel een voorbereiding van een wedstrijd, waar allerlei wielrenmensen rondreden. Een Belgisch vrouwtje wat langs de weg stond vond dat we wel "courage" hadden.

De hele eerste dag ging over rechte wegen, totdat we in Amay waren. Het stadje lag wat lager, aan een rivier. Daar kwam eerst een steile, natte afdaling, die niet echt fijn was. Je kon niet te hard remmen, want dan ging je onderuit, maar als je te zacht remde dan vloog je uit de bocht. Daarna moesten we weer een stuk uit het rivierdal klimmen. Dit was de eerste echte klim van de vakantie, die erg steil was. Uiteindelijk kwamen we uit op de wel heel grote weg richting Marche-en-Famenne. Het was een twee keer twee-baans weg, met een middenberm. Daar moesten we nog ongeveer vijfentwintig kilometer over fietsen.

Na ongeveer 130 kilometer wilden we warm eten. We hadden alleen niet genoeg water meer om de pasta te koken. In een weiland stond een drinkbak voor koeien, met water er in. Dat was meteen een goede test voor het waterfilter van Bram. We liepen door de wei naar de bak toe. Bram wilde het pompje op de koeienbak zetten, maar had niet door dat het stuk prikkeldraad wat om de bak stond schrikdraad was. Dat was wel even schrikken inderdaad. Het filteren ging best goed. Na een paar minuten hadden we genoeg water om mee te koken. Het uit de wei over het prikkeldraad stappen ging deze keer extra voorzichtig.

Vlak bij de wei gingen we op een bankje zitten. Toen het water voor de pasta al lauw was, kwamen we er achter dat we beter aan de andere kant van de weg konden zitten, onder een partytent die daar stond. Met het pannetje in de ene hand en de fiets in de andere konden we de weg net oversteken. De partytent stond natuurlijk achter een hek, dat hadden we vantevoren kunnen weten, maar er was nog een ander afdak waar we droog konden zitten. Aan het water zat geen rare smaak, dus het zal wel goed geweest zijn.

Vlak voor Marche-en-Famenne wilden we nog naar een benzinestation, dat aan de andere kant van de weg lag. Omdat hier ook een afslag was was de weg in totaal vijf banen breed. Na een paar minuten konden we pas oversteken. Daarna moesten we weer terug, maar uiteindelijk ging het wel.

In Marche-en-Famenne konden we de geplande route niet meer zo goed volgen omdat ik niet had gepland om via Rochefort te fietsen. We gingen helemaal om Marche heen, maar uiteindelijk kwamen we wel in Rochefort. Daar zou volgens de kaart een camping zijn. Die was er ook wel, maar bij de camping was nog geen receptie. De camping was midden in een uitbreiding/verbouwing, de douches en toiletten waren maar net af. We zijn gewoon maar ergens gaan staan en hebben later nog gekeken of er iets was waar we konden betalen, maar er was niks. Er was wel een vent die van achter de gordijnen in z'n camper ons in de gaten hield en die ook bleef kijken als we er met z'n tween tegelijk naar keken.

Omdat we zo goed door hadden gefietst waren we al om acht uur op de camping. We konden nog op een terrasje een trappist van Rochefort drinken. Het was wel een gezellig terrasje daar. We kregen nog wat blokjes Rochefortkaas bij de trappist.


Hij smaakte goed.

We gingen wel een beetje op tijd slapen.


De route van de eerste dag. Alleen in Amay en Hasselt waren we een beetje omgefietst. Vanaf Tongeren begonnen de heuvels.

dagafstand 181.92
gemiddeld 20.6
maximaal 63