Fietsvakantie verhaal Zwarte Woud

Dag 3, 106 km van Freilingen naar ergens tussen Kappel en Kirchberg

Goed uitgeslapen kwamen we de tent uit, en begonnen we aan het ontbijt. Omdat het een 5- sterrencamping was zat dr ook een winkeltje bij, dus we hadden verse broodjes. We wisten al dat we vandaag weer een heel eind zouden moeten fietsen door de bergen, maar we waren nog niet vermoeid. Meteen het allereerste wat met moesten doen was een stuk bergop fietsen. Ik vond dat niet echt het beste om sochtends vroeg mee te beginnen. Daarna ging het vooral bergaf, en weer verder over de mooie fietspaadjes die er liepen. Het was wel iets meer omfietsen dan over de weg, maar t was zeker de moeite waard. Het was weer erg bergachtig, en ik heb een recordsnelheid gereden met bepakking, namelijk 62,5 km/u.

Wat later in de middag kwamen we al aan bij de Moezel. We hadden echt een supermooie afdaling, richting Cochem. Het was een brede weg, met bochten die je goed kon houden zonder te remmen, en het duurde wel een kilometer of 10. Jammergenoeg moesten we eigenlijk niet naar Cochem, we hadden namelijk een verkeerde afslag genomen. Ja, afslag, er zijn in Duitsland zo weinig fietspaden dat je of binnendoor moet gaan, door kleine dorpjes, of over de wat grotere wegen waar je 50 of 70 mag. Wat we kozen lag elke keer gewoon aan wat t kortste was. Langs de moezel waren er ineens superveel fietsvakantiemensen. Maar die waren allemaal wel nep. t Grootste deel ging stroomafwaarts, en was waarschijnlijk met de auto naar t beginpunt gereden. Na de afdaling in t dal van de moezel was het natuurlijk weer omhoog.


Hier zie je mooi de bergen aan de andere kant van de moezel. Daar was 't net zo steil als aan deze kant. De weg die achter mijn rug te zien is is een bocht verderop.

Bram met z'n volgepakte fiets, het was voor ons allebei flink trappen.

Vlak voor de top kwam er een traktortje voorbijrijden, die we in de afdaling weer inhaalden. Het was ongeveer weer tijd voor t avondeten. Op een landweggetje maakten we diepvriespasta klaar, die jammergenoeg nog bevroren was, dus dat was wel een beetje aangebakken. Niet al te erg. t Smaakte wel goed, maar de vulling was echt van dat nepvlees.

Langs de Moezel stikte het van de campings. 30 Kilometer verder was dat helemaal niet meer zo. Pas over een kilometer of 50 zouden we de volgende camping kunnen vinden. Dat werd dus moeilijk, omdat we dr al zon 90 op hadden zitten. We besloten maar gewoon de route te volgen en te hopen op een camping die niet op de kaart stond. Na wat navragen bleek dat er op onze route echt niet snel een camping zou zijn.

Daarom was het tijd voor een missie. Missie 1: water halen. We hadden geen water meer, en we moesten nog de nacht door en de volgende ochtend door de bergen. We kwamen nog maar door een paar kleine dorpjes, waar niks meer te doen was. Er was ergens wel een cafeetje. We besloten om daar naar binnen te gaan, met bidons in onze jassen, dan wat te bestellen en dan n voor n naar de wc te gaan om de bidons te vullen. Het pakte iets anders uit. We kwamen binnen, maar er was helemaal niks te doen. De man achter de bar was niet de eigenaar, maar alleen maar aan t opruimen. Het koste nogal wat moeite van hem om ons duidelijk te maken dat ze gesloten waren en van ons om duidelijk te maken dan we dan toch onze bidons graag zouden willen vullen. Dat mocht wel. We konden dus niet ongemerkt onze bidons vullen, maar we hadden dus toch wat water. Bram had ook nog een rugzak bij waar een liter water in kon, maar hij had maar besloten om die man niet verder in verwarring te brengen en m niet te laten vullen.

De man vertelde ook nog dat er wel een tijdelijke camping was bij een festival dat in t weekend was. Ik wou dr wel heen, maar Bram dacht dat dr veel te veel herrie zou zijn. En t was ook nog 8 km fietsen of zoiets. En het was ook niet in de richting waar we heen moesten. Uiteindelijk bleek t een heel goed idee te zijn geweest om dr niet heen te gaan. Want we hoorden de muziek 8 km daarvandaan, en de muziek duurde tot 4 uur s nachts en begon weer om 7 uur 's ochtends. We hadden dus echt geen camping en zijn ergens langs de weg een bospaadje ingereden. Daarna nog een meter of 20 verder de bossen in achter een dennenboom hebben we de tent opgezet. Heel goed beschut, dat je zelfs vanaf t bospaadje niet echt te zien was. Eigenlijk was t ook niet echt een bospad, want t was helemaal dichtgegroeid met gras van 20 cm. Toch zag ik nog s avonds dat dr pas nog iets overheen was gereden, er stonden verse tractorsporen in t zand. Bram dacht dat dr nooit iemand kwam en hij zei dat ik zeker te veel naar ``ray mears' extreme survival'' had gekeken.

Het regende nog meer s avonds. We hebben een deel van t noodrantsoen opgegeten, een paar Isostar repen. Mijn slaapzak was nat bij mijn voeten, en ik moest op mijn slaapzak slapen om niet helemaal nat te worden. De bonkmuziek hoorde ik nog tot vrij laat, totdat we allebei lagen te slapen.


Cochem was een leuk toeristisch stadje, waarnaartoe je een hele mooie afdaling had. Dat was ook de eerste echte goeie afdaling, waar je lang ongeveer 50 kon. De laatste 3 kilometer van de route staan net niet meer op 't kaartje, maar die kun je bij dag 4 nog bekijken. Je kunt ook aan de zwarte stift zien dat we eigenlijk bij Cochem rechtdoor hadden gemoeten.