Blog > Kilometers maken

06-09-10 : Kilometers maken

Soms is het nodig tijdens je fietsvakantie zoveel mogelijk kilometers te fietsen in een paar dagen. Bijvoorbeeld als je op tijd thuis moet zijn omdat je weermoet gaan werken, of als je een fietsbus moet halen. Hard doorfietsen lijkt dan de oplossing, maar is dat echt het belangrijkste?

Stel je hebt nog drie dagen en je moet nog 600 kilometer fietsen. Wat is dan de beste tactiek? Het begint met op tijd opstaan. Als je 200 kilometer per dag wilt fietsen moet je, bij een snelheid van 20 kilometer per uur, 10 uur lang fietsen. Zodra het licht is kun je opstaan. Meestal is het dan nog wel heel koud, een uurtje wachten tot het wat opgewarmd is is dan wel beter. Meteen nadat je wakker bent moet je je ontbijt eten. Daarna moet je je spullen pas inpakken. Zo heb je wat tijd om het ontbijt te verteren voordat je op de fiets stapt. Dat heeft twee voordelen: je hebt al wat energie wanneer je begint met fiesten en je haalt meer energie uit het eten. Tijdens het fietsen is je spijsvertering namelijk veel minder effectief.

Als alles goed gaat zit je om een uur of 8 op de fiets. Dan is het een kwestie van in een goed tempo doortrappen. Tijdens het fietsen moet je goed drinken en eten. Zonder eten heb je na een uur of twee geen energie meer over en ga je veel langzamer. Na een uur moet je zeker beginnen met wat eten, bijvoorbeeld mueslirepen, snickers, marsen of appels. Wanneer je goed getraind bent kun je wel 3 of 4 uur door fietsen zonder dat je dan honger krijgt. Dit komt omdat je in plaats van suikers vetten gaat verbranden. Wanneer je suikers niet opraken krijg je ook geen hongergevoel.

Na een aantal uur moet je toch stoppen omdat je water en eten op zijn. Het beste is om een redelijk grote supermarkt uit te zoeken met een groot assortiment. Koop water of drinken met suiker, eten voor tijdens het fiesten en eten om meteen op te eten. Als er geen bankje binnen oogbereik is zijn er altijd wel stoepranden bij de supermarkt waar je op kunt gaan zitten. Eet eerst het voer op waar veel suiker in zit. Suikers kun je snel opnemen, zo heb je voordat je weer gaat fietsen al weer energie in je benen. Daarna moet je zo veel mogelijk koolhydraten naar binnen stoppen, bruin brood met pasta doet het altijd goed. Als je 's ochtends een goed ontbijt hebt gehad en om 12 uur hebt gegeten kun je om 4 uur nog een keer eten. Daarna kun je om 6 uur nog extra eten inslaan voor 's avonds en de volgende ochtend. 's Avonds voor het slapen eten heeft twee voordelen: je hebt energie om je 's nachts warm te houden en 's ochtend heb je ook meer energie. Tijd om uit te rusten is er niet, er moesten kilometers gemaakt worden. Als je goed getraind bent heb je toch niks aan een half uurtje uitrusten.

Tijdens het fietsen kun je ook veel tijd winnen. De meeste tijd raak je kwijt door het kijken op de kaart. Daarom moet je er voor zorgen dat je tijdens het fietsen op de kaart kunt kijken. Bijvoorbeeld door hem op je stuurtas te maken of hem in je achterzak te stoppen. Stel je fietst 11 uur lang 20 kilometer per uur, dan heb je 220 kilometer gefietst. Als je in plaats van 11 uur 10 uur fietst en 1 uur stopt, moet je 22 km/u fietsen om dezelfde afstand te halen. Die extra 2 kilometer per uur kosten veel energie.

Als je echt kilometers wilt maken moet je natuurlijk ook zo lang mogelijk doorfietsen. Zo lang mogelijk in dit geval betekend tot het te donker wordt om veilig te fietsen. Tegen die tijd zoek je een wildkampeerplek. Omdat het al schemerig is heb je meteen minder kans ontdekt te worden. Als het goed is heb je dan van 8 's ochtends tot 10 's avonds gefietst, 14 uur. Het is mogelijk om daarvan 11 uur echt op de fiets te zitten. Dan heb je toch 220 kilometer gehad op een dag, en je bent nog niet helemaal kapot omdat je zo hard hebt moeten fietsen.