Hike verhaal Ardennen

Dag 1 : Vind de route

's Ochtends om een uur of 6 stapte ik het huis uit. Eerst moest ik een kilometer lopen tot het bushokje. Mijn hikerugzak voelde best zwaar. Toen ik bij het bushokje aankwam had ik al het gevoel dat ik blaren had. De schoenen die ik aanhad waren ongeveer tien jaar oud. Ze waren niet erg versleten. Wel hadden ze al een paar jaar in de garage gelegen. Maar het waren de enige stevige schoenen die ik had dus daar moest ik het maar mee doen. Van inlopen was het ook niet gekomen. Ze waren wel goed ingevet.

Bij het bushokje kwam ik twee jongens tegen die bij mij in het voetbalelftal zaten. Ze hadden de hele nacht al carnaval gevierd en ze waren zat en volgens mij hadden ze ook een joint gerookt. Die begrepen dus niet dan ik rond die tijd met een enorme rugzak op bij het bushokje stond. Ik zei dat ik ging hiken. Ze dachten dat ik naar 't heike' ging, wat een café is. De bus kwam op tijd. Bram zat er ook al in.

Op station Eindhoven kochten we een kaartje tot Maastricht. De trein reed een uur door het donker. In Maastricht kochten we een kaartje tot Verviers. We wisten dat we ergens moesten overstappen. Waar dat dan precies was stond niet op het kaartje. De trein reed de grens over. Visé was het eerste Belgische stadje waar de trein stopte. We dachten dat we er al uit moesten. Dat bleek dus fout te zijn. We moesten eigenlijk via Luik rijden. Het station van Visé bestond maar uit één perron. Omdat de volgende trein pas weer over een uur kwam liepen we even het stadje in.

Na een uur konden we dan weer verder. Het treintje waar we inzaten was maar een paar wagons lang. We hadden wel pech want dit was een stoptrein. De trein waar we eigenlijk inzaten vanaf Maastricht was een intercity. Eindelijk waren we dan in Luik aangekomen. Vanaf daar moesten we naar Verviers. Gelukkig konden we een beetje mensen kijken daar. Er waren zelfs twee mensen met een hoge k die een fiets met bepakking hadden.

Tot Verviers zaten we weer in een trage stoptrein. Eenmaal daar aangekomen hoefden we alleen nog maar een stukje met de bus om op de hike-route uit te komen. Het was een gewone vrijdag, maar net die ene bus die we moesten hebben reed niet op vrijdag. Er waren ook helemaal geen andere bussen die naar dat dorpje gingen die dag. Er zat niks anders op dan naar het dorpje te lopen. Het was ongeveer drie uur 's middags, en het dorpje was bijna twintig kilometer lopen als ik het me goed herinner.

Toen er al een paar uur lopen opzaten gingen we op een bank bij een kerkje zitten om even uit te rusten. Ik ging kijken of ik al blaren had. Die schoenen pasten helemaal niet en ze waren ook helemaal stijf omdat ze zo oud waren. Op allebei mijn hakken zaten al grote blaren. Aan één kant bij mijn kleine teen ook. Dat was al op de eerste middag en we moesten nog een paar dagen.

In de schemering waren we eindelijk bij het dorpje waar de hike-route doorheen zou komen. Daar vonden we alleen nergens een pijltje. We liepen richting het volgende dorpje. Daar stak de route een riviertje over en zouden we hem zeker op moeten kunnen pikken. Het werd alleen al snel donker. Nergens konden we een goede wildkampeerplek vinden. Het was al bijna helemaal donker toen we ergens een bos vonden om een slaapplaats te zoeken. Ik had wel een lampje bij me, maar als ik dat aan zou doen zouden we ontdekt kunnen worden. Opeens liep ik ergens tegenaan. Mijn lip bloeide ervan. Het bleek een hek te zijn. Omdat het zo donker was had ik er niks van gezien.

De plek om te slapen hadden we zo gevonden. Het was wel helemaal op een helling. 's Nachts werd het heel koud. Het was rond de 0 graden. Bram had een slaapzak van 900 gram bij, die had het nog een beetje warm. Ik had mijn Gelert extreme-lite 600 grams slaapzak bij. Die was ook extreem koud. Alle kleren die ik bij me had heb ik over me heen gelegd om nog een beetje warm te blijven.