Toertochten > Diekirch-Valkenswaard 2012

Diekirch Valkenswaard 2012


Dit jaar zou ons pap meedoen met Diekirch-Valkenswaard. Ongeveer in Maart had hij dat bedacht. Op mijn oude racefiets had hij een paar keer getraind, en twee maanden voor Diekirch kocht hij een fiets. Die fiets was een goede koop, een Focus Cayo met carbon frame en een 105 groep. Ons pap heeft als langste training ongeveer 90 kilometer over het vlak gereden, met gemiddelde snelheid van 25 km/u. In totaal heeft hij twee maanden lang gemiddeld een of twee keer per week getraind.

Zelf ben ik ongeveer tien keer gaan trainen. De meeste training was twee weken voor Diekirch, toen ben ik drie keer 70 kilometer gaan fietsen. De laatste keer was met ongeveer 30 km/u gemiddeld. We gingen dit jaar niet op fietsvakantie, dus daar moest ik het mee doen. Hoe goed ik getraind was kon ik nog niet zeggen, waarschijnlijk wel genoeg om hem uit te fietsen.

We gingen met de bus mee naar Diekirch. 's Ochtends eerst omkleden in de sporthal, daarna onze fiets ophalen uit de vrachtwagen. De voorspelling voor het weer was redelijk, 22 graden en af en toe een bui. Om half 7 begon het kei hard te regenen. We schuilden onder een afdakje, en een kwartier later was het weer droog.

In plaats van stempelkaarten kreeg je dit jaar een pasje wat je kon laten scannen. Het startschot klonk om 7 uur. Voordat we ons pasje konden laten scannen was het al half 8. Daarna riepen ze om dat iedereen mocht vertrekken zonder te scannen op de eerste post, omdat het anders veel te lang ging duren. Er waren toen ook pas een paar honderd man gestart.

Het was nog fris. Eerst was het weer een stukje vlak, daarna begon een rustige klim. Ons pap kon het niet echt bijhouden. Na ongeveer een kilomter rustig rijden keek ik waar hij bleef, toen stond hij in de berm uit te hijgen. Ik fietste rustig door tot de top van de beklimming. Daar wachtte ik een tijd. Toen het leek alsof bijna iedereen al voorbij was vroeg ik aan iemand of ze nog iemand in het zelfde shirt als ik hadden gezien. "ja, die stond een stuk terug in de berm, hij had panne". Toen ik omdraaide om terug te fietsen zag ik hem al aankomen.

Hij had niet verwacht dat die bergen zo zwaar zouden zijn. Ik dacht niet dat hij nog op tijd bij de eerste post kon zijn, of op tijd in Valkenswaard, dus ik zou gewoon zelf door fietsen. Ons pap zou nog op zijn eigen tempo doorfietsen en kijken of hij de tweede post zou halen. Daar zouden Manon en ons mam met de auto heen komen.

Ondertussen zat iedereen die meedeed al voor me. Na tien minuten kwamen de achtersten al weer in zicht. Elke keer zat ik in een groepje, dat was fijn voor op het vlak, maar tijdens de beklimming reden ze dan te langzaam. In totaal heb ik meer dan de helft van de afstand alleen gereden.

Bij de eerste stop zag ik mijn neefje Rowan. Mijn oom had via zijn bedrijf shirts gesponsord, die had ik zelf ook een aan. De anderen waren al weer weg. Van de eerste naar de tweede stop was weer 65 kilomter. Dit stuk was nog steeds heel bergachtig. Omdat ik de meesten tijdens de klim er af reed reed ik weer bijna de hele tijd alleen.

Bij de tweede stop stonden Manon en ons mam. Die hadden ondertussen al nieuws van ons pap. Hij zat in de bezemwagen en zou over drie uur pas bij de tweede stop aankomen. Uiteindelijk vertelde hij dat hij nog 60 kilometer had gefietst, en eigenlijk nog een uur de tijd had om de eerste stop te halen. Hij was totdat hij in het busje ging zitten ook niet meer afgestapt, alleen hij kon echt niet meer verder. Nadat ik weer eten en drinken had bijgevuld en met Manon en ons mam had staan buurten ging ik weer verder.

Op het stuk van de tweede naar de derde stop zaten veel vlakke stukken. In het begin kwam ik Jantje tegen, die ook bij mijn oom werkt. Daar heb ik een stuk mee in een groepje gereden. Op een gegeven moment viel dat groepje uit elkaar. Ik dacht met twee andere snelle mee vooruit te rijden. Alleen de ene was net te snel, en de andere veel te langzaam, dus zat ik weer alleen. Na een half uur werd ik ingehaald door twee hele snelle wielrenners, en Jantje die daar achteraan reed. Vanaf toen heb ik wel in een groep kunnen fietsen.

Bij de derde stop stonden ome Rob en Rowan. Die hadden ons nog eten en drinken gegeven. Na een minuut kwam Jantje er ook aan, terwijl ik dacht dat die voor mij fietste. Na vijf minuten was Pietje er ook. Die had het iets zwaarder. We dronken wat en begonnen toen aan de volgende etappe.

Het was 50 kilometer tot de laatste stop. Onderweg hadden we nog de Hallembaye en een stuk betonplaten weg waarover we pal tegen de wind in moesten fietsen. Eerst zat ik een stuk achter een snel groepje. Dat had ik bijna bijgehaald toen ik een andere eenzame fietser tegenkwam. Hij had een groen pak aan en vertelde dat hij al bijna de hele dag alleen op zijn eigen tempo fietste. Hij zat er wel een beetje doorheen en keek op tegen de beklimming van de Hallembaye. Op de Hallembaye had ik eindelijk het snelle groepje bij. Maar uiteindelijk had ik daar nog niks aan omdat ze op de top op hun langzaamste fietser gingen wachten. Voor de laatste stop kwam ik Pietje weer tegen. We reden samen tien kilometer, terwijl twee andere fietsers in ons wiel bleven zitten. Tien kilometer voor de laatste stop sloten we aan bij een grote groep, die op een goed tempo doorreed.

Bij de laatste stop wachtten we even tot Jantje er ook was, en gingen toen met zijn drieŽn op weg naar de finish. Na een tijdje hadden we weer een groepje fietsers bij elkaar. In Leende hield Pietje het niet meer bij. Een andere uit het groepje zei "oewe maat kan het niet meer bijhouden". Dus toen was Pietje met Jantje gebleven. Ik fietste zelf nog zo hard mogelijk door, tot ik het bordje "5 km tot Valkenswaard" zag. Daarna was het nog even heel zwaar.

De aankomst in Valkenswaard was weer geweldig. Overal stonden mensen langs de kant te kijken en te klappen. Ik fietste nu niet meer in een groep, dus het was wel alleen voor mij. Bij de finish zag ik eerst de opa en oma van Manon. Daarna zag ik mijn sexy Manonneke en de rest van de famillie staan.





De medaille van dit jaar leek weer erg veel op die van de vorige jaren. Bij cafť de Bel ging ik nog mijn gratis portie pasta halen, daarna nog even nakletsen en kijken hoe de andere deelnemers binnen kwamen.

Dit jaar was ik precies om 6 uur binnen. Dat lag aan verschillende dingen. Bij de start was ik al later, ik heb een tijd op ons pap gewacht, ik ging dit keer niet voor een zo snel mogelijke tijd en bij de stops heb ik ook langer dan normaal gewacht zodat ik met Pietje en Jantje mee kon fietsen. Misschien ga ik dit jaar wel meer trainen tussendoor, zodat ik volgend jaar weer wat eerder binnen kan komen.